6. Wat kan ik doen om meiden te helpen?

Wanneer je te maken hebt met een meisje uit de doelgroep waarvan je denkt dat ze mogelijk suïcidaal gedrag vertoont, is het belangrijk om te signaal op te pakken. Hieronder volgen praktische do’s & dont’s.

DONT'S

  • Het onderwerp ‘suïcide’ vermijden of het gedrag te negeren.
    Soms vrees je als professional om 'slapende honden wakker te maken'. Je vermijdt misschien liever zelf te beginnen spreken over zelfmoord. Misschien vanuit de vrees het meisjes iets aan te praten. Maar een meisje dat suïcidaal is voelt veelal juist opluchting wanneer de andere ernaar vraagt. Door er rechtstreeks naar te vragen, toon je dat suïcidaal gedrag geen taboe is en dat erover praten mag (Suïcidepreventiewerking van de Centra Geestelijke gezondheidszorg, 2010).
  • Onderliggende trauma’s meteen opbreken
    Het thema bespreekbaar maken is erg belangrijk. Maar de diepliggende geheimen hoeven niet op tafel direct te komen; een goed contact is de basis (Boedjarath & Ferber, 2010). Traumaverwerking hoef je niet zelf te doen; dit is echt een GGZ taak.
  • Bagatelliseren van de problemen.
    Van belang is om het gedrag en / of de gevoelens van het meisje niet te bagatelliseren door dingen te zeggen zoals ‘we voelen ons allemaal wel eens somber’ of ‘de zon schijnt toch lekker’ (Ferber, 2010).
  • Oordelen over cultuur
    Rekening houden met de cultuur van het meisje is erg belangrijk (Boedjarath & Ferber, 2010) maar van belang is om niet de hele cultuur van het meisje te beoordelen (Ferber, 2010). Zoals de meiden uit de focusgroepen aangaven, vinden de meeste meiden het juist belangrijk om het gevoel te hebben dat hun cultuur wordt begrepen.
  • Direct naar de ouders stappen
    Vooral als de problemen in de familiesfeer liggen dan is het onverstandig om zonder medeweten de ouders in te schakelen (Ferber, 2010). Dit doet niet allen afbreuk aan het vertrouwen van het meisje in de hulpverlener, maar het kan namelijk ook zijn dat de problemen die het meisje heeft te maken hebben met de familie-eer. Deze familie-eer wordt geschonden, wanneer bekend wordt dat een meisje ‘de vuile was heeft buiten gehangen” (zie o.a. Bakker, 2005; Ermers, 2007). Een meisje kan hierdoor in zeer moeilijke en zelfs levensgevaarlijke positie terecht komen, wanneer haar ouders weten dat zij in gesprek is met een leerlingenbegeleider op school of andere vertrouwenspersoon, waar zij heeft verteld over haar problemen.

DO'S

Opbouwen van contact en verkennen van de problematiek:

  • Bespreekbaar maken
    Belangrijk is op de signalen te reageren en hier aandacht aan te besteden (Kerkhof, 2010). Maak het bespreekbaar door rechtstreeks te vragen naar mogelijke zelfmoordgedachten en -plannen (Kerkhof 2010; Suïcidepreventiewerking van de Centra Geestelijke gezondheidszorg, 2010). Houd er rekening mee dat meiden uit meer traditionele culturen niet altijd gewend zijn om over hun gevoelens te praten (Boedjarath & Ferber, 2010). Van belang is daarom om het tempo om van het meisje te volgen en uinodigende vragen te stellen: wat wil de jongeren met dit gedrag duidelijk maken? Om welke kreet van hulp gaat het hier? (Boedjarath & Ferber, 2010).
  • Open vragen stellen
    Stel open vragen zoals: Wat denk je als je verdrietig bent? Heb jezelf wel eens pijn gedaan? Heb je er wel eens aan gedacht om er niet meer te zijn? Ook over de mogelijke problematische thuissituatie kun je vragen stellen zoals: Zijn er thuis wel eens conflicten? Wat gebeurt tijdens zo’n conflict? Hoe worden die conflicten opgelost? Let ook op het non-verbalen gedrag van het meisje: aan de lichaamshouding van het meisje kan er duidelijk worden wat er speelt (Boedjarath & Ferber, 2010).
  • Blijf aandacht geven
    Blijf het meisje aandacht geven (Ferber, 2010; Kerkhof, 2010) en blijf met haar in gesprek. Laat je niet afschrikken door een norse of afwerende houding (Ferber, 2010). Bouw een persoonlijke band met het meisje (Kerkhof, 2010). Maak duidelijk dat zij op jou kan rekenen.
  • Vraag advies aan collega’s en deskundigen
    Suïcidaal gedrag is een vrij zware problematiek. Als je hier als professionals mee te maken krijgt terwijl je hier niet in gespecialiseerd bent, is het van belang hierbij op tijd ondersteuning te vragen van collega’s en / of advies in te winnen bij deskundigen. Van belang is ook om een meisje op tijd door ter verwijzen naar meer gespecialiseerde hulp zoals van Jeugd GGZ.
  • Grijp direct in bij geweld en (levens)gevaar
    Wanneer je vermoed dat een meisje direct in levensgevaar is bijvoorbeeld omdat zij zelf of haar familieleden haar iets zullen aandoen, stuur haar dan niet naar huis zonder iets te doen. Wanneer een meisje gevaar loopt door dreiging vanuit haar familie (eergerelateerd geweld), schakel dan altijd de politie in en / of het Steunpunt Huiselijk Geweld. Tegelijkertijd kan er sprake zijn van (een dreiging van) suïcidaal gedrag: overleg dan voor advies met een deskundige van bijvoorbeeld de Jeugd GGZ of 113 online.

Onderhouden van de vertrouwensband:

  • Samen een activiteit ondernemen
    Wanneer je langere tijd contact met een meisje hebt dat mogelijk suïcidaal gedrag vertoont, is het belangrijk om er op in te zetten dat dit meisje actief blijft: naar school of werk blijft gaan, vrienden ziet etc. (Ferber, 2010). Wanneer je zelf samen met het meisje iets onderneemt, kan het gemakkelijker worden om samen te praten. Denk bijvoorbeeld aan de samen opruimen of wandelen. De aandacht is dan niet gefixeerd op elkaar maar wat je aan het doen bent; zo kan het meisje zich beter op haar gemak voelen (Boedjarath & Ferber, 2010).
  • Houd rekening met loyaliteitsgevoelens.
    Hoe knel meiden thuis ook zitten, meestal durven ze geen negatieve uitspraken te doen over hun familieleden. Belangrijk is om zelf ook geen negatieve uitspraken over de ouders of familie; het meisje kan zich hierdoor erg ongemakkelijk voelen. Geef wel aan dat je gewelddadige gedrag van familieleden altijd afkeurt en dat dit niet oke is
  • Werk systeemgericht
    Wanneer je rekening houdt met diversiteit, betekent dit oog voor het systeem van de hulpvrager (Felten & Genç-Canbolat). In de ondersteuning van meisjes die suïcidaal gedrag vertonen, is systeemgericht werken ook aan te raden. Zorg er voor dat hele systeem in beeld is en dat duidelijk wordt hoe het systeem rondom het meisje in elkaar zit. Als het veilig is, kan bekeken moet worden of vrienden of vriendinnen en ouders en andere familieleden kunnen worden betrokken (Ferber, 2010; Kerkhof, 2010).

Doorverwijzen

  • Kennis van sociale kaart en netwerk opbouwen van hulpverleners
    Van belang is om goed op de hoogte te zijn van de sociale kaart in de regio. Maar er is meer dan dat: omdat de situatie en de achtergrond van meiden uit de doelgroep sterk cultuurbepaald is, kan niet iedere hulpverlener hier mee uit de voeten. Het is dan daarom van belang om te weten welke hulpverleners goed aan kunnen sluiten bij meiden uit de doelgroep en kennis hebben van de problematiek. Aan te raden is om een goed contact met deze hulpverleners op te bouwen, zodat je deze om advies kan vragen en kan zorgen voor een warme overdracht naar deze hulpverlener.
  • Zorgen voor warme overdracht
    Wanneer iemand samen met het meisje de eerste stappen zet naar de hulpverlening, verkleint de kans dat het meisje onderweg afhaakt (Boedjarath & Ferber, 2010). Dit wordt ook door de meiden in de focusgroepen genoemd: “Je moet meiden niet naar een adres sturen waar ze meteen weer worden doorgestuurd.” Volgens verschillende meiden was het juist belangrijk dat je met een meisje meegaat, wanneer zij beter geholpen kan worden door een andere instantie. Kortom: geef het meisje het gevoel dat je haar niet zomaar ‘in de steek laat’ maar steeds met haar meedenkt.
  • Bij overdracht rekening houden met culturele herkomst
    Niet iedere hulpverlener die met jongeren werkt, heeft expertise ten aanzien van de Turkse, Marokkaanse of Hindoestaanse cultuur waar meiden uitkomen (Yerden, 2010). Culturele sensitiviteit is echter wel belangrijk bij hulpverlening aan deze meiden (Boedjarath & Ferber, 2010) (Ferber, 2010). Wanneer je zoekt naar een organisatie die het meisje kan helpen, is het daarom van belang om te selecteren op dit criterium van culturele sensitiviteit.